Top 5 deze week

Delmée en Huussen: “Het is heel moeilijk om in het herenhockey toernooien achter elkaar te winnen”

De eerste Pro League-duels na een lang clubseizoen zijn voor bondscoach Jeroen Delmée vooral een tussenstation. Richting het WK wordt gezocht naar de juiste samenstelling, automatismen moeten terugkeren en een flink aantal internationals werkt nog aan zijn herstel. Toch ziet de bondscoach na de eerste wedstrijden voldoende aanknopingspunten. “We hebben progressie geboekt.”

Terwijl de internationals zich in Amstelveen voorbereiden op de zomer, ging een paar weken geleden alle aandacht nog uit naar de verrassende landstitel van HC Rotterdam. Delmee keek met plezier naar de ontknoping van de Tulp Hoofdklasse. Niet alleen vanwege de sportieve prestatie, maar vooral vanwege de koers die de club al jaren vaart.

“Ik gunde het Rotterdam echt,” zegt hij. “Vooral vanwege het beleid dat ze een aantal jaar geleden hebben ingezet. Er zitten tegenwoordig veel buitenlandse spelers in de competitie. Dat is niet verkeerd bedoeld, maar daardoor verdwijnen ook kansen voor Nederlandse talenten. Rotterdam heeft ervoor gekozen om met eigen jongens te bouwen. Dat zo’n visie uiteindelijk wordt beloond met een landstitel vind ik mooi.”

De Rotterdammers namen het kampioensgevoel even mee naar Oranje, maar veel tijd om na te genieten was er niet. “In één dag zijn ze wel weer met beide benen op de grond,” lacht Delmee. “Hier is het weer een andere omgeving. Natuurlijk moet je genieten als je landskampioen wordt, maar daarna begint het volgende doel.”

Doel
Dat doel ligt over enkele maanden op het WK. De Pro League staat daarom vooral in het teken van finetunen. “We zoeken naar de juiste combinaties, willen automatismen terugvinden in de opbouw en werken aan verschillende manieren van druk zetten. Dat zijn de dingen waar deze wedstrijden voor bedoeld zijn.”

Hoewel Nederland de kansen tegen Duitsland en India lang niet allemaal benutte, is Delmée tevreden over wat hij ziet. “Verdedigend hebben we veel ballen hoog op het veld veroverd, we halen veel corners en krijgen weinig cirkels tegen. Alleen moeten we wedstrijden eerder beslissen. Op dit niveau blijf je anders altijd in leven voor de tegenstander.”

Toch is zijn grootste uitdaging voorlopig niet tactisch, maar medisch. Richting het WK keren meerdere internationals terug van blessures, waardoor de definitieve selectie nog allesbehalve vaststaat. “Je hoopt na de Pro League duidelijkheid te hebben, maar dat gaat niet lukken. Er zijn jongens die pas half juli weer volledig aansluiten. Dat maakt de puzzel behoorlijk ingewikkeld.”

Delmée in actie tijdens de Pro League-wedstrijd tegen India (foto: Roel Ubels)

Ook David Huussen merkt dat Oranje nog volop in ontwikkeling is. Voor de middenvelder voelde de overgang naar de nationale ploeg deze zomer extra bijzonder, na de teleurstellende play-offs met Amsterdam. “Die teleurstelling heeft nog wel even gezeten,” vertelt hij. “Maar op een gegeven moment sluit je het af. Dit is weer een nieuwe zomer, met een nieuw doel.”

Na drie jaar bij Oranje voelt Huussen zich inmiddels een volwaardig onderdeel van de selectie, al verliep zijn weg niet zonder hobbels. “Blessures en toernooien waarvoor ik niet geselecteerd werd maakten het soms lastig. Toch heb ik nu echt het gevoel dat ik onderdeel ben van deze groep.”

Onderlinge afstemming
Volgens de middenvelder zit de grootste winst momenteel in de onderlinge afstemming. “Door blessures en de verschillende clubprogramma’s heeft niet iedereen veel samen gespeeld. Dan is het logisch dat je weer aan elkaar moet wennen. Maar ik denk dat we goede stappen zetten.”

Zelf wil Huussen zich de komende periode vooral ontwikkelen tot een vaste waarde voor Oranje. Daarbij zit de grootste uitdaging volgens hem niet in techniek, maar in snelheid van handelen. “Internationaal heb je bij iedere bal misschien een halve seconde minder tijd dan in de Hoofdklasse. Dat lijkt weinig, maar dat is enorm. Je moet eigenlijk al weten wat je gaat doen voordat je de bal krijgt.”

Voor Delmée blijft uiteindelijk alles ondergeschikt aan één doel. Zijn contract loopt nog door richting Los Angeles 2028, maar daar wil hij zich nog niet mee bezighouden. “Laten we eerst maar proberen wereldkampioen te worden. Als dat lukt, hebben we de afgelopen jaren ontzettend veel gewonnen. Maar juist daarom weten we ook hoe moeilijk het is om aan de wereldtop te blijven.”

De karakteristieken van Oranje-India in de Pro League (foto: Hockey.nl)

Populaire Artikelen