Door Hans Hofstra
Met de komst van de Amerikaanse oud-international Julianna Tornetta, de Italiaanse spelmaakster Sara Puglisi en de Franse keepster Lucie Ehrmann haalt Oranje-Rood drie nieuwe boegbeelden in huis.
Stuk voor stuk zijn het speelsters die internationaal hun sporen hebben verdiend, maar ook ieder hun eigen bijzondere verhaal meebrengen. De Eindhovense club mikt met deze mix van ervaring, passie en internationale flair niet alleen op sportief succes, maar ook op een nieuw elan binnen de selectie.
Tweede kans na zware blessures
De naam Julianna Tornetta (25 jaar) doet bij hockeyvolgers in de Verenigde Staten meteen een belletje rinkelen. Ze speelde tussen 2021 en 2023 veertien interlands voor het Amerikaanse nationale team, maar een reeks blessures en mentale vermoeidheid deden haar besluiten om even afstand te nemen. ,,Ik dacht dat ik klaar was met hockey,’’ vertelt ze openhartig. ,,Maar toen ik ging coachen bij een highschoolteam in Pennsylvania en af en toe meespeelde, reed ik na de trainingen huilend naar huis. Ik miste het spel zó erg. Toen wist ik: ik ben nog niet klaar.’’
Die comeback was niet vanzelfsprekend. Tijdens een trial bij de Haagse club Huizen scheurde ze haar kruisband. ,,De allerlaatste dag van de oefenperiode. Alles lag stil. Gelukkig kon ik revalideren bij TopSport Group bij PhysioMed in Amsterdam. Hun begeleiding was fenomenaal. Dankzij hen ben ik sterker teruggekomen.’’ De keuze voor Oranje-Rood was daarna logisch. ,,Ik had ook aanbiedingen van andere clubs, maar het gevoel in Eindhoven was direct goed. De speelsters, de staf, de sfeer in het clubhuis – het voelde meteen als familie.’’
Tornetta is inzetbaar als aanvallende middenvelder of buitenspeler. Haar Amerikaanse achtergrond – ze speelde voor Princeton University en Maryland – brengt een andere sportmentaliteit mee. ,,Collegehockey in de VS is extreem professioneel. Alles is strak geregeld: krachttraining, voeding, mentale begeleiding. In Nederland is het anders: hier is hockey een deel van je leven, niet je hele identiteit. Dat vind ik heel gezond.’’ En hoe bevalt het eten in Nederland? Tornetta lacht: ,,Tot nu toe is het geweldig! Ik heb de zure haring nog niet gedurfd, maar dat is de volgende stap in mijn poging om me volledig aan te passen aan de Nederlandse cultuur.’’ Naast nieuw eten proberen, heeft de Amerikaanse een ander doel, namelijk Nederlands leren. ,,In het veld kan het echt helpen bij de communicatie. Maar ik wil me ook buiten hockey thuis voelen in Nederland.’’
Italiaanse strijdlust terug in Eindhoven
Voor de 25-jarige Sara Puglisi voelt de overstap naar Oranje-Rood bijna als thuiskomen. De Italiaanse international (62 caps) speelde eerder al voor de club en was mede verantwoordelijk voor promotie naar de Hoofdklasse. Na avonturen in Spanje bij Real Sociedad keert ze terug. ,,Ik had altijd de droom om nog weer eens naar Eindhoven te komen. Toen Mark Dekker me belde, wist ik: dit is het moment. De Hoofdklasse is de beste competitie ter wereld. Hier wil je jezelf meten met de top.’’
Puglisi combineert haar hockeycarrière met een studie Sportmanagement in Italië, die ze grotendeels online volgt. ,,Het is niet altijd makkelijk om te combineren, maar de flexibiliteit helpt. Mijn doel is om dit jaar mijn bachelor af te ronden en daarna misschien een master te doen.’’
De verdedigster staat bekend om haar overzicht en passing. Ze wil Oranje-Rood helpen stabiliteit te brengen. ,,Deze club heeft mij gevormd. Hier leerde ik wat het betekent om professioneel te zijn. We bouwden destijds samen een team op dat promoveerde. Dat gevoel van saamhorigheid wil ik opnieuw beleven.’’
Qua cultuurverschillen heeft ze inmiddels de nodige ervaring. ,,In Nederland is men direct. In Italië zijn we luidruchtiger, maar ook voorzichtiger om iemand niet te kwetsen. En dan het eten – tja, iedereen vraagt me naar de pasta. Natuurlijk mis ik de échte pasta van thuis, die smaakt nergens zo goed als in Italië. Maar ik heb geleerd dat er hier in Eindhoven ook best goede restaurants zijn. Toch neem ik altijd een voorraad pasta mee in mijn koffer.’’

Franse keeper is een trainingsbeest
De derde nieuwkomer, Lucie Ehrmann, is een opvallende naam onder de lat. De 27-jarige Française speelde al 46 interlands en stond eerder bij HGC, Den Bosch en in België onder contract. Ze staat bekend als een trainingsbeest. ,,Ik hou van het spel, van de druk, van het beter worden. Ik train soms zes keer per week, plus krachttraining. Ik weet dat ik geen miljonair word van hockey, maar ik word wel rijk aan herinneringen.’’
Ehrmann heeft een bijzondere carrière achter de rug. Ooit geïnspireerd door haar idool Maddie Hinch, besloot ze naar Nederland te komen om ‘door het Nederlands wereldklasse hockey cultuur verder te groeien’. Via omwegen belandde ze uiteindelijk bij Oranje-Rood. ,,Toen ik hier op proef kwam, voelde ik me direct thuis. Het clubhuis, de energie van de groep, de manier waarop coach Mark Dekker met me communiceerde – ik wist dat dit mijn plek was.’’ Ze is aangesteld als eerste keepster. Dat brengt druk met zich mee, maar daar houdt ze van. ,,Mark zei: ‘Jij moet ons wedstrijden helpen winnen.’ Dat is mijn taak. En ik wil mezelf elke dag bewijzen.’’
Ook buiten het veld wil Ehrmann groeien. Ze volgt studies op het gebied van sportpsychologie en geeft soms mentale begeleiding. Daarnaast wil ze Nederlands leren. ,,Ik kan al best wat gesprekken voeren, maar mijn doel is om vloeiend te worden. In het veld roep ik al veel in het Nederlands – dat helpt voor de communicatie met de verdediging.’’ En hoe bevalt het leven in Nederland verder? Ehrmann grinnikt: ,,Ik heb hier mijn eerste broodje kroket gegeten. Dat is zo typisch Nederlands en ik vind het heerlijk. Soms na wedstrijden op zondag eet ik er één in het clubhuis, om even te ontspannen en de zware week af te sluiten. Dat is mijn guilty pleasure.’’

Internationale connectie
Met Tornetta, Puglisi en Ehrmann voegt Oranje-Rood drie speelsters uit drie verschillende landen toe aan de selectie. Dat brengt uitdagingen met zich mee, bijvoorbeeld op taalgebied, maar ook kansen. Tornetta: ,,De meeste meiden praten goed Engels. Soms vertaalt iemand naast me wat er in het Nederlands wordt gezegd. Dat is zo lief, ik voel me daardoor echt onderdeel van het team.’’ Puglisi vult aan: ,,Ik ken al een paar meiden van mijn vorige periode hier. Dat helpt enorm. We hebben dezelfde strijdlust: altijd vechten, iedereen lastigvallen, ongeacht wie de tegenstander is.’’ Ehrmann ziet vooral de energie die de combinatie kan brengen. ,,We hebben allemaal een andere achtergrond en cultuur, maar dat maakt het juist rijker. Ik denk dat we elkaar sterker maken.’’
Tussen ambitie en realiteit
De Eindhovense club streed de afgelopen jaren vooral tegen degradatie, en wil nu weer omhoog kijken. Met de komst van drie internationals moet het team meer stabiliteit en kwaliteit krijgen. Concrete doelstellingen zijn nog niet uitgesproken. Ehrmann: ,,We hebben nog niet samen besloten waar we voor gaan. Ik wil gewoon zoveel mogelijk wedstrijden winnen.’’ Voor Puglisi is het duidelijk: ,,We moeten ons handhaven en iedereen laten zien dat we niet te onderschatten zijn. Oranje-Rood moet een club zijn waar niemand graag tegen speelt.’’ Tornetta kiest haar woorden zorgvuldig: ,,Na alles wat ik heb meegemaakt, ben ik vooral dankbaar dat ik weer kan spelen. Natuurlijk wil ik winnen. Maar boven alles wil ik plezier hebben, gezond blijven en mezelf uitdagen. Dat gevoel wil ik terugvinden, en dat doe ik hier in Eindhoven.’’
Familiegevoel
Opvallend is dat alle drie de speelsters los van elkaar hetzelfde woord gebruiken om Oranje-Rood te omschrijven: familie. Tornetta: ,,Iedereen doet moeite om ons buitenlanders welkom te laten voelen. Dat is bijzonder.’’ Puglisi: ,,Het teamgevoel is altijd sterk geweest, en dat merk je meteen weer als je terugkomt.’’ Ehrmann: ,,Het clubhuis alleen al straalt warmte uit. Het geeft me energie elke keer dat ik er binnenloop.’’
Vooruitblik
Met drie zulke karaktervolle internationals staat Oranje-Rood voor een interessant seizoen. Tornetta, die na twee knieoperaties opnieuw wil schitteren. Puglisi, die als Italiaanse spelmaakster ervaring en temperament toevoegt. En Ehrmann, die als Franse eerste keepster eindelijk haar kans krijgt in de Hoofdklasse. Hun gezamenlijke verhalen over doorzettingsvermogen, internationale ervaring en liefde voor hockey passen perfect bij een club die vechtlust en verbondenheid hoog in het vaandel heeft. En of het nu gaat om pasta, stroopwafels of cookies: in Eindhoven smaakt het allemaal net wat beter als er gewonnen wordt.
Olympische droom
Voor Tornetta speelt nog iets extra’s mee. Hoewel ze zich nu volledig richt op Oranje-Rood, blijft de gedachte aan een rentree bij Team USA sluimeren. De Olympische Spelen van 2028 in Los Angeles – in haar eigen land – vormen een droom die ze niet helemaal wil loslaten. ,,Ik zeg nooit nooit. Het belangrijkste is dat ik hier mijn plezier en kracht terugvind. Als dat lukt, dan zien we wel waar het pad me brengt. Maar ja, de Spelen in eigen land… dat zou wel héél bijzonder zijn.’’


