Het is de Oranje-hockeydames weer gelukt de finale van een groot eindtoernooi te bereiken. Voor de dertiende keer in de historie staan de vrouwen in een EK-finale. Warempel kwam de ploeg van bondscoach Ehren met de schrik vrij tegen Spanje. Die ploeg kwam op een 1-0 voorsprong via Patricia Alvarez. Het was echter weer ‘de dag van Yibbi Jansen’ met haar wereldse strafcornerspecialiteit. Hoogstpersoonlijk wist zij met een strafcornerhattrick Oranje naar de finale te slepen: 3-1.
Het was Oranje dat in de eerste minuten maar weer eens furieus begon. Fay van der Elst was dichtbij de openingstreffer, maar vlak voor de goal van doelvrouw Clara Perez maaide zij over de bal. Niet veel later was het weer Van der Elst die dichtbij de openingstreffer was. Opnieuw miste zij maar net de bal om die met haar stick de goal in te krijgen.
Uit het niets was het daarna Spanje dat op een 1-0 voorsprong kwam. Patricia Alvarez kon de tip-in haast niet missen na een fraaie pass van Xantal Tine. De 1-0 achterstand deed mentaal iets met Oranje. Spanje kreeg, na verdedigende slordigheden, kansen op een tweede treffer.

Oranje komt onverwacht op 1-0 achterstand, Yibbi herstelt
Alvarez had voor haar tweede doelpunt kunnen zorgen na een misser van Van Laarhoven. De aanvalster kreeg de bal echter op haar voet. Josine Koning moest diverse keren nog handelend optreden.
In het tweede kwart was het toch weer de individuele kwaliteit van Yibbi Jansen die Oranje over het dode punt heenhielp. Na wat eerdere mislukte pogingen was het daarna wel vlot twee keer achterelkaar raak. Doelvrouw Perez en haar lijnstop waren tot twee keer toe kansloos.

‘Strafcornerhattrick’
In de tweede helft had Oranje de zaken wel een stuk meer op orde. Het kwam tot verschillende veldkansen, maar het was uiteindelijk toch weer Yibbi die de wedstrijd in het slot gooide. Met een opnieuw bekeken sleeppush completeerde zij haar ‘strafcornerhattrick’.
Janssen sleepte Oranje letterlijk en figuurlijk door de moeizame halve finale. Zondag wacht óf gastland Duitsland óf het België van Rein van Eijk.



