De hockeyers van Rotterdam hebben maandag voor het eerst sinds 2013 weer de landstitel veroverd. In een bloedstollende return tegen titelverdediger Amsterdam viel de beslissing pas in de slotfase, toen Rotterdam in de voorlaatste minuut toesloeg en daarmee een einde maakte aan dertien jaar wachten op nieuw succes.
Na de spectaculaire heenwedstrijd van zaterdag, waarin Rotterdam in het Wagener Stadion met 3-2 won, begon de ploeg met een kleine voorsprong aan de return in eigen huis. In Amsterdam waren alle doelpunten al vóór rust gevallen.
Rotterdam schoot toen furieus uit de startblokken via treffers van Tjep Hoedemakers en Pepijn van der Heijden, terwijl Amsterdam via Mustapha Cassiem en Brent van Bijnen terugvocht in een duel vol tempo en intensiteit.
Tweede landstitel
Ook in de beslissende wedstrijd lag de spanning er direct bovenop. Beide ploegen gaven weinig weg en vochten om iedere meter. Amsterdam, de regerend landskampioen, probeerde de achterstand uit het eerste duel weg te poetsen, maar stuitte telkens op een compact en strijdlustig Rotterdam.
De thuisploeg loerde ondertussen op de omschakeling en bleef gevaarlijk via snelle aanvallen over de flanken.
Lang leek de finale af te stevenen op een verlenging, maar in de voorlaatste minuut explodeerde het Rotterdamse complex alsnog. Na een snelle aanval viel de bal goed in de cirkel en werkte Rotterdam de beslissende treffer binnen. Daarmee barstte een enorme ontlading los bij spelers, staf en supporters. De ploeg van coach Erik van Driel hield vervolgens stand in de laatste seconden en verzekerde zich van de tweede landstitel uit de clubgeschiedenis.



